Dit is waarom de grootste ego’s niet de beste leiders zijn
“Wat wij hier nodig hebben, dat is een sterke leider. Iemand met visie, die de lijnen uitzet en echt het gezicht van de organisatie kan zijn.”
Die verzuchting hoor ik vaak aan de vergadertafels van organisaties die op zoek zijn naar een nieuwe directeur. En meestal zweeft er dan een bepaald type leider boven de tafel: de geniale Einzelgänger die in zijn of haar eentje de koers bepaalt.
Figuren als Steve Jobs. Elon Musk. Ivo van Hove. Anna Wintour. Travis Kalanick.
Als organisatiecoach begrijp ik die wens ergens wel. Maar ik zou liegen als ik zei dat ik er geen vraagtekens bij heb.
Zelf antwoord ik dan liefst dat een organisatie geen ego-leider nodig heeft, maar een eco-leider.
Je weet wel: iemand die het systeem voedt in plaats van enkel zichzelf. Klinkt een beetje zoals een slogan, dat besef ik goed. En zoals dat vaak gaat met slogans, is het wel erg kort door de bocht.
De echte vraag zit namelijk een laag dieper. Niet: welk karakter heeft je leider? Wel: wie of wat dient je leider eigenlijk?
Daar zijn pakweg drie antwoorden op. Spoiler: maar één ervan is gezond.
Type #1: De leider die vooral zichzelf dient (ego-leider)
Dit is de klassieke ego-leider zoals we er allemaal minstens één kennen. Vooral ik-gericht, op het randje van narcisme – of net erover. Maar mogelijk ook briljant, gedreven en charismatisch. Je kent de succesverhalen ongetwijfeld, over deze visionairen en durvers die hun organisatie naar ongekende hoogtes stuwen.
Een sterke figuur heeft dus echt wel zijn of haar rol en noodzaak. Ook als maatschappij hebben we er behoefte aan, omdat ze dingen in beweging zetten. Vaak zien we dat zo’n leider bij de start van een initiatief een grote rol speelt. Het is pas daarna dat de risico’s ontstaan. Bovendien zijn de namen die we kennen, de namen van de ‘happy few’ die het haalden. We horen nooit over de honderden leiders met precies hetzelfde profiel, van wie de organisatie ontplofte, leegliep of gewoon nooit echt van de grond kwam.
Kiezen voor een ego-leider, dat is een beetje zoals roulette spelen een prima pensioenplan noemen, enkel en alleen omdat je louter de winnaars aan het woord hoort.
Ego-leiders presteren gemiddeld niet beter, ze vallen alleen meer op omdat hun aanpak extremer is. Ze boeken grotere successen…maar rijden ook vaker een groter brokkenparcours.
Het grootste risico? Dat is niet eens hun karakter. Wel wat er met de organisatie gebeurt. Die gaat volledig op één persoon leunen. In de cultuursector zie ik het geregeld: een leider die zo samenvalt met zijn of haar organisatie dat het huis bij zijn of haar vertrek in een diepe identiteitscrisis belandt. Dat is een bijzonder kwetsbare positie, zowel voor de organisatie als voor de mensen die erin werken.
Maar de ego-leider is niet de enige manier waarop het fout kan lopen. Er is een tweede type dat veel minder vaak genoemd wordt in gesprekken, en juist daardoor vaker onopgemerkt schade aanricht.
Type #2: De leider die vooral zijn vak dient (expert-leider)
Ook met dit type leider aan het roer zie ik het verrassend vaak fout lopen.
Geen narcistische trekjes, geen overdreven groot ego. Wel een uitstekende vakspecialist die aan het hoofd van een organisatie belandt en daarna…vooral vakspecialist blijft. Want de organisatie staat gelijk aan de inhoud, toch?!
Denk bijvoorbeeld aan:
- De uitstekende hoofdredacteur die algemeen directeur wordt, maar de voorpagina niet kan loslaten.
- De bevlogen artistiek leider die blijft cureren of choreografieën bedenken.
- De geëngageerde schooldirecteur die alles door de pedagogische bril bekijkt, en ondertussen de financiën, het personeelsbeleid en de organisatie laat verwateren.
Het is menselijk. Het is waar deze leiders goed in zijn, en waar ze om geprezen worden. Maar terwijl zij schitteren in hun discipline, blijft het geheel verweesd achter. Want een organisatie is nu eenmaal meer dan haar inhoud…
Wat ontbreekt bij beide types, is eigenlijk hetzelfde: de blik op het geheel. En precies dat is wat het derde type leider onderscheidt.
Type #3: De leider die het geheel dient (eco-leider)
Dit is voor bijna elke organisatie de beste optie.
Voor alle duidelijkheid: het gaat hier niet om de pleaser die iedereen naar de mond praat. Een eco-leider is iemand die zowel de inhoud begrijpt als de manier waarop inhoud, mensen, beheer en productie samen een werkend geheel kunnen vormen. Iemand die z’n gezag niet ontleent aan zelf de beste zijn, maar aan het bewaken van de voorwaarden waarin anderen kunnen floreren.
Zo iemand kent het vak goed genoeg om geloofwaardig te zijn, maar hoeft zelf niet per se de ster te zijn. Een eco-leider laat de hoofdredacteur schitteren zonder zelf met alle geweld de krant te willen maken.
Dat vraagt misschien minder charisma dan het eerste type, en minder vakkennis dan het tweede. Maar het is de enige vorm van leiderschap die een organisatie duurzaam gezond houdt.
Niet het karakter primeert, wel de blik
Hier zit de echte scheidingslijn.
Een stevige, zelfs wat egocentrische persoonlijkheid die wél het geheel bewaakt? Die is minder gevaarlijk dan een milde, sympathieke expert die enkel focust op zijn eigen vakgebied.
Het gaat dus minder om hoe groot het ego is, en veel meer om de vraag waar de leider zijn of haar blik op richt. Op zichzelf? Op zijn vak? Of op het geheel?
En dan is er nog die andere vraag die vaak meespeelt zodra organisaties op zoek gaan naar een nieuwe directeur: hoeveel mensen zetten we aan de top? My two cents daarover lees je in deze blog.
Sta je op het punt om de top van je organisatie te hertekenen, maar wil je dat liever niet alleen doen?
Neem gerust contact op – als organisatiecoach en gids voor leidinggevenden schuif ik graag mee aan tafel.
Laat je inspireren

Gedeeld leiderschap in je organisatie: één directeur, duo of collectief?
Gedeeld leiderschap in je organisatie: één directeur, duo of collectief? Koen Vandyck vergelijkt drie modellen en legt uit waarom de afspraak primeert op de vorm.

Kiezen voor een autocratie: is dat nog van deze tijd?
Eén van de dingen die ik het leukst vind aan mijn werk? Dat is organisaties begeleiden in hun zoektocht naar een structuur die werkt voor

Over de zin & onzin van een organigram
Een organigram helpt om de formele structuur zichtbaar te maken. Maar heeft het echt zin, of eerder onzin?